top of page
  • Admin

Niet Aangeboren Hersenletsel


Traumatisch (niet aangeboren) hersenletsel wordt gedefinieerd als hersenschade die ontstaat doordat een uitwendige kracht een directe uitwerking heeft op de hersenen. Een val of een klap op het hoofd, het heftig schudden van het hoofd, of penetratie van het hoofd door een voorwerp, zijn voorbeelden van traumatische oorzaken van NAH. Traumatisch hersenletsel heeft niet noodzakelijkerwijs één specifiek ontstaansmoment.

Het hersenweefsel, en eventueel de bloedvaten binnen de hersenen, lopen bij traumatisch hersenletsel directe schade op. De schade die optreedt is doorgaans beperkt tot het gebied waar het trauma plaatsvindt. Omdat de hersenen zijn opgedeeld in gespecialiseerde zones, zal de locatie van het trauma grotendeels bepalend zijn voor de klachten van de patiënt

Onzichtbare gevolgen van NAH

De onzichtbare gevolgen van niet-aangeboren hersenletsel vallen minder op. Mensen in je omgeving begrijpen daardoor soms niet goed dat je niet meer alles kunt. Dit kan frustrerend zijn en je verdrietig maken. De onzichtbare gevolgen van hersenletsel hebben vaak te maken met je denkvermogen (cognitie), communicatie, emoties en het gedrag.


Cognitieve gevolgen

Cognitie gaat over de hersenfuncties die nodig zijn voor kennis waarnemen, onthouden, begrijpen en toepassen. Belangrijke voorbeelden van cognitieve gevolgen van NAH zijn:

  • Vermoeidheid

Dit is een van de meest voorkomende klachten na hersenletsel. Je wordt sneller moe en je hebt meer tijd nodig om te herstellen. Je vermoeidheid voelt anders dan vroeger en het is ook minder duidelijk waar je vermoeidheid vandaan komt. Slapen of uitrusten helpt niet altijd voldoende.

  • Overprikkeling

De hersenen houden door het letsel minder zintuiglijke prikkels tegen. Je krijgt hierdoor meer prikkels dan vroeger en/of je hersenen kunnen ze niet meer of minder goed verwerken. Hierdoor heb je een ‘druk’, gejaagd gevoel wat kan leiden tot stress, hoofdpijn en vermoeidheid.

  • Aandachts- en concentratiestoornissen

Je kunt je aandacht minder goed verdelen of ergens bij houden.

  • Geheugenproblemen

Je kunt informatie minder goed verwerken, onthouden en herinneren.

  • Moeite met dagelijkse activiteiten

Je hebt moeite om handelingen in de juiste volgorde uit te voeren (apraxie), zoals bij koken of afwassen. Plannen, organiseren en overzicht houden is ook lastiger.


Communicatieve gevolgen

Het kan zijn dat je problemen krijgt met taal en daardoor lastiger uit je woorden komt, zowel in spraak als bij het lezen en schrijven. Enkele voorbeelden van communicatieve gevolgen van NAH:

  • Afasie

Je hebt meer moeite om de juiste woorden te vinden, zinnen te vormen of taal goed te begrijpen.

  • Spraakstoornissen

Je spreekt moeilijker omdat je mondspieren verlamd of minder goed te coördineren zijn (dysartrie). Hierdoor kunnen mensen je slechter verstaan.


Gevolgen voor het gedrag

Door hersenletsel kan je gedrag -erg- veranderen. Een veelgehoorde uitspraak van naasten is ‘Sinds het hersenletsel lijkt hij/zij een ander mens’. Voorbeelden van gedragsveranderingen na NAH:

  • Niet kunnen leren van ervaringen

Omdat je niet beseft dat je veranderd bent door je hersenletsel (gebrek aan ziekte-inzicht) kun je overmoedig en gevaarlijk gedrag vertonen.

  • Zelfoverschatting

Je denkt dat je meer kunt dan werkelijk het geval is.


Emotionele gevolgen

  • Depressieve gevoelens

Doordat je je bewust wordt van het verlies van je mogelijkheden kan het zijn dat je je somber voelt en minder zelfvertrouwen hebt.

  • Stemmingswisselingen

Het ene moment ben je heel blij, het andere moment heel verdrietig. Het kan ook zijn dat je hard moet lachen of erg moet huilen zonder reden.

  • Verstoorde emotieregulatie en -controle

Je kunt minder goed omgaan met je emoties. Je bent bijvoorbeeld snel boos of verdrietig, vloekt erg of gedraagt je impulsief.


Gevolgen NAH voor het dagelijks leven

Naast de zichtbare (lichamelijke) en onzichtbare gevolgen van NAH zijn er ook gevolgen voor het dagelijks leven van jou en je naasten. Je kunt bijvoorbeeld niet meer werken of naar school, je moet verhuizen naar een andere (aangepaste) woning of je hebt verzorging nodig.

Hobby’s en activiteiten kun je niet meer doen of moeten anders. Je wereld wordt kleiner. Misschien ben je voortaan meer afhankelijk van anderen.

Je plek in het gezin, je relatie of in je familie verandert. Deze nieuwe situatie zorgt bij veel mensen voor frustratie, onzekerheid verdriet en stress.

148 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven

Mijn ongeluk

bottom of page